VISIE

“Trauma betekent niet dat een kind zomaar een slechte herinnering heeft. Trauma wordt opgeslagen in het lichaam, verandert het brein en beïnvloed hoe een kind de wereld ervaart en waarneemt. Deze veranderingen hebben vaak levenslange gevolgen, tenzij het trauma verwerkt, het gevoel van veiligheid hersteld en de veerkracht vergroot wordt!”

De meeste emotionele, psychische en lichamelijke klachten bij kinderen zijn traumagerelateerd, al worden ze (helaas) niet altijd als dusdanig herkend. Het zijn stressreacties op situaties of gebeurtenissen waarin een kind zich onveilig, machteloos of hulpeloos heeft gevoeld en niet bij machte was om hier iets aan te veranderen. Soms verdwijnen deze klachten vanzelf, maar dat gebeurt lang niet altijd.

Wanneer iemand geconfronteerd wordt met gevaar, kiest het lichaam instinctief voor een van de drie beschermingsmechanismen; vluchten, vechten of bevriezen. Op het moment van de traumatische gebeurtenis zijn deze mechanismen effectief. Bij trauma blijft het lichaam daarin hangen, terwijl het niet meer nodig is. Trauma is dus niet alleen opgeslagen in het hoofd, maar ook in het lijf. Het gevolg is dat de hersenen geen onderscheid meer kunnen maken tussen reëel en denkbeeldig gevaar, waardoor iemand voortdurend leeft in een staat van waakzaamheid. Dit wordt zichtbaar in het gedrag en/of in klachten en problemen.

Het mechanisme ‘vechten’ kan bijvoorbeeld leiden tot een continu verhoogd arrousalniveau en gedragsproblemen, met woede en agressie (externaliserend gedrag). Terwijl je bij ‘vluchten’ ziet dat men zich terugtrekt en vermijdingsgedrag gaat vertonen (internaliserend gedrag) of een toevlucht zoekt in verslavingen, drank, drugs of automutilatie. Bij ‘bevriezen’ zie je dat men volledig in het hoofd gaat zitten en het contact met het lichaam verliest, waardoor men over traumatische ervaringen kan praten zonder te voelen. Ook kan het zijn dat men met momenten blokkeert en dan even helemaal ‘weg’ lijkt te zijn uit het hier-en-nu.

De meeste kinderen hebben geen idee waarom ze doen wat ze doen, wat ze voelen, of waar hun klachten of problemen vandaan komen. De hersenen geven steeds signalen af dat de wereld onveilig is en blokkeren het talige deel van de hersenen. Omdat ze vaak geen woorden hebben voor wat ze voelen of wat hen is overkomen, leeft het trauma zich uit in hun lichaam. Met alle gevolgen van dien; op korte én lange termijn.

Onverwerkte emotionele of schokkende ervaringen laten diepe sporen na in de geest, emoties, het vermogen om lief te hebben, om vreugde en verbinding te ervaren én zelfs in het lichaam en het immuunsysteem. Het kan de ontwikkeling van jeugdigen ernstig verstoren. Om die reden is het noodzaak trauma zo vroeg mogelijk te onderkennen, te behandelen én om jeugdigen, ouders en school te begeleiden.

Om het evenwicht op het diepste niveau te herstellen is het van belang dat het lichaam kalmeert. Praten over trauma helpt te begrijpen wat er is gebeurd en hoe dit doorwerkt op het denken, voelen en doen in het heden. Echter, praten werkt vaak maar deels, omdat het de inprenting van angst en onveiligheid niet wegneemt. Bovendien heeft het als nadeel dat het lichaam de traumatische gebeurtenis herbeleeft. 

Jeugdtrauma Herstel Limburg maakt om die reden naast reguliere behandelmethoden, gebruik van meer non-verbale, lichaamsgerichte én ervaringsgerichte werkvormen. We werken met de taal van het lichaam, dat via de lichaamshouding, ademhaling en spierspanning een eigen verhaal vertelt. Deze werkwijze beïnvloed direct het stresssysteem van de hersenen, waardoor het lichaam kalmeert en ervaart dat het gevaar geweken is. Als dat gebeurt kunnen andere delen van het brein ook weer gezonder functioneren en komt het kind weer in zijn oorspronkelijke kracht. In plaats van overleven kan de jeugdige het leven weer gaan beleven zoals het bedoeld is!